Heeft je als MKB’er of freelancer met een WordPress-site weleens getwijfeld tussen de standaard Gutenberg blok-editor en de populaire Elementor page builder? Je bent niet de enige. Beide tools beloven mooie websites zonder codeerkennis, maar wat is de daadwerkelijke impact op performance en beheer? In dit artikel vergelijken we Elementor en Gutenberg op vier belangrijke punten: performance, pagina-omvang, toegankelijkheid en onderhoudbaarheid. We blijven weg van ingewikkeld jargon en onderbouwen elke bevinding met recente tests en benchmarks. Zo krijgt je een eerlijk en praktisch beeld van wat je kunt verwachten als je jouw site bouwt met Elementor of Gutenberg.
Performance: laadtijd en serverbelasting
Een snelle website is cruciaal voor gebruikerservaring en SEO. Hier valt direct op dat Gutenberg over het algemeen lichter en sneller is dan Elementor. Gutenberg is namelijk onderdeel van WordPress zelf en levert “schone” code zonder onnodige ballast. Elementor biedt een rijke visuele editor met vele functies, maar die extra’s brengen ook overhead met zich mee. Zo voegt Elementor extra CSS, JavaScript en zelfs shortcodes toe aan een pagina, wat de laadtijd kan verhogen. In de praktijk betekent dit dat sites gebouwd met Elementor meer werk moeten verzetten bij elke paginalading, zowel in de browser van de bezoeker als op de server.
Laadtijd (front-end)
Onafhankelijke tests laten zien dat eenzelfde pagina in Gutenberg vaak sneller laadt dan in Elementor. In een side-by-side test op een gelijke hostingomgeving (zonder caching) was de laadtijd van een Gutenberg-pagina ~1,5 seconden, vergeleken met ~1,9 seconden voor de Elementor-variant. Ook Google PageSpeed-scores vielen hoger uit voor Gutenberg (mobile score ~93 vs ~81 bij Elementor in één meting). Dit komt doordat Gutenberg minder code hoeft te laden en uit te voeren in de browser. Elementor’s rijke functies kunnen nog steeds vlot draaien — zeker met optimalisaties als caching, compressie en een CDN — maar uit de doos is Gutenberg duidelijk in het voordeel qua snelheid.
TTFB en serverprocessing (back-end)
Niet alleen de front-end profiteert; ook op de serverkant is er verschil. Time To First Byte (TTFB) is de tijd voordat de eerste data van de server bij de gebruiker aankomt. Doordat Elementor meer moet “doen” bij het opbouwen van een pagina (denk aan het verwerken van alle Elementor widgets en styling), kan de TTFB iets hoger uitvallen. In één benchmark werd de server-responstijd voor een Elementor-pagina gemeten op 172 ms, versus 85 ms voor dezelfde pagina herbouwd in Gutenberg. Een diepere profielanalyse via WP-CLI liet zelfs zien dat WordPress ~679 ms nodig had om de Elementor-pagina samen te stellen, tegenover ~172 ms voor Gutenberg — ruim vier keer zo langzaam. Dit illustreert dat Elementor zwaarder weegt op de server (hogere CPU- en geheugenbelasting), wat vooral merkbaar kan zijn bij drukkere sites of tragere hosting. Gelukkig valt dit te mitigeren: met een goede caching plugin en krachtige hosting zal de gebruiker hier weinig van merken, maar het blijft een aandachtspunt. Op minder krachtige (shared) hosting kan een zware page builder als Elementor eerder tot lag leiden, terwijl Gutenberg’s slankere aanpak van nature efficiënter omgaat met beperkte resources.
Pagina-omvang en code-output
Naast snelheid is de “zwaarheid” van jouw pagina’s belangrijk: hoeveel kilobytes moet een bezoeker downloaden en hoeveel aparte verzoeken (requests) doet de browser? Hierin zien we significant verschil tussen Gutenberg en Elementor in de praktijk. Gutenberg genereert doorgaans schonere, kleinere HTML-output, terwijl Elementor meer en grotere bestanden laadt door alle extra features.
In tests is dit goed meetbaar. Zo was de pagina opgebouwd met Elementor in een voorbeeld 2,5 MB groot met 48 requests, terwijl de Gutenberg-versie slechts 905 KB groot was met 19 requests. Een andere benchmark liet een vergelijkbare trend zien: Elementor-pagina ~512 KB en 54 requests vs. Gutenberg ~331 KB en 34 requests voor dezelfde inhoud. Dit verschil — vaak bijna een halvering in pagina-omvang — komt doordat Elementor meerdere scripts, stijlsheets en wrapper-elementen toevoegt die Gutenberg simpelweg niet nodig heeft. Denk aan allerlei JavaScript-bestanden voor sliders, formulieren en effecten, en extra <div>-lagen voor de lay-out. Gutenberg daarentegen beperkt zich tot de noodzakelijke CSS en JS voor de gebruikte blokken, zonder overtollige franje. Het resultaat is minder HTTP-requests en een kleinere download per pagina, wat direct bijdraagt aan snellere laadtijden, zeker op mobiele netwerken.
JS/CSS-bundels
Elementor heeft uiteraard laadoptimalisaties toegevoegd in recente updates (bijv. slim laden van assets en container-based design om onnodige code te vermijden), maar alsnog geldt dat een Elementor-pagina meer “moving parts” heeft die geladen moeten worden. Gutenberg’s integratie in core WordPress zorgt ervoor dat er geen externe plugin-laag is die zijn eigen bundel aan assets meebrengt — alles gebeurt binnen de bestaande WordPress-structuur. Hierdoor zijn sites met Gutenberg vaak eenvoudiger “lichtgewicht” te houden. Voor eindgebruikers betekent dit dat een Gutenberg-site meestal minder data verbruikt (prettig voor bezoekers met een langzaam of beperkt data-abonnement) en minder verbindingen hoeft op te zetten, wat pagina’s sneller visueel laat laden.
Toegankelijkheid (a11y): semantische HTML en usability
Goede webtoegankelijkheid houdt in dat jouw site bruikbaar is voor iedereen, óók voor mensen met een beperking. Denk aan semantische HTML (correcte tags voor koppen, lijsten, etc.), bediening via toetsenbord en compatibiliteit met schermlezers. Hier zijn subtiele maar belangrijke verschillen tussen Gutenberg en Elementor.
Semantische HTML
Gutenberg is ontwikkeld met webstandaarden in gedachten en produceert van nature semantische, netjes geneste HTML. Een paragraaf is een <p>, een kop is een <h2> etc., zonder onnodige <div>-nesting. Dit betekent dat zoekmachines én assistive technologie (zoals screenreaders) de contentstructuur makkelijk kunnen begrijpen. Bovendien laadt Gutenberg alleen de HTML-elementen die nodig zijn; er worden niet voor elke kleine lay-outwijziging extra containers geplaatst. Elementor daarentegen gebruikt voor zijn geavanceerde lay-out vaak extra wrappers en diepe nesting van elementen. Het kan bijvoorbeeld meerdere geneste <div>-elementen genereren voor één sectie met kolommen. Dat betekent niet per se dat de site ontoegankelijk is, maar de code is minder “schoon” en minder logisch opgebouwd voor iemand die bijv. met een screenreader door de HTML navigeert. Zoekmachines en hulpmiddelen kunnen nog steeds jouw content vinden, maar betere code geeft altijd een voorsprong in toegankelijkheid en SEO. Gutenberg’s schonere output zorgt voor een betere basis qua toegankelijkheid en crawlbaarheid van de site.
Keyboard-navigatie en ARIA
De WordPress core-ontwikkelaars besteden actief aandacht aan toegankelijkheid in Gutenberg. De blok-editor wordt continu verbeterd op punten als toetsenbordbediening, ARIA-roles en screenreader-ondersteuning. Veel core-blokken en block-themes houden zich aan WCAG-richtlijnen, zodat bijvoorbeeld contrast, focus-indicatoren en skip-links op orde zijn. Elementor heeft door de jaren heen óók stappen gezet om de toegankelijkheid te verbeteren — zo kun je bij Elementor-widgets ARIA labels instellen en is de keyboard focus-navigeerbaarheid beter geworden in recente versies. Echter, bij Elementor hangt veel af van hoe je de site bouwt: de tool geeft veel designvrijheid, maar daarmee komt de verantwoordelijkheid om toegankelijkheidsregels zelf goed toe te passen. Het is bijvoorbeeld mogelijk in Elementor om een tekstblok visueel groot te maken zonder een echte <h1>-tag te gebruiken, of om een klikbaar element te maken dat niet via toetsenbord focusbaar is — dingen die in Gutenberg minder snel misgaan door de beperktere, gestructureerde aanpak. Volgens experts is Gutenberg “out of the box” meer WCAG-conform, terwijl bij Elementor handmatig getest en bijgestuurd moet worden om aan alle toegankelijkheidseisen te voldoen. Met de juiste discipline kan een Elementor-site net zo toegankelijk zijn (Elementor biedt zelfs een gratis tool “Accessibility Checker” als hulp), maar het vraagt oplettendheid van de bouwer. Gutenberg geeft je in feite een voorsprong door een semantisch juiste basis te leggen, zodat je minder hoeft te tweaken om aan bijvoorbeeld WCAG 2.1 AA te voldoen.
Screenreaders & structuur
Doordat Gutenberg standaard headings en lijsten gebruikt, ontstaat een duidelijke contenthiërarchie die screenreaders eenvoudig kunnen voorlezen. Navigeren per kopniveau of sectie werkt intuïtief. Elementor-sites kunnen dezelfde content uiteraard ook bieden, maar let erop dat je bijvoorbeeld geen kopjes overslaat (zoals een H1 direct gevolgd door een H3 zonder H2 ertussen) — in Elementor is dat iets waar je zelf op moet letten bij het instellen van widgets, terwijl Gutenberg zo’n structuur min of meer afdwingt via de documentoutline. Samengevat is Gutenberg gebruiksvriendelijker voor assistieve technologie out-of-the-box, en Elementor vereist bewuste best practices om een vergelijkbaar niveau van toegankelijkheid te bereiken.
Onderhoudbaarheid en lange termijn beheersbaarheid
Tenslotte is er het aspect onderhoud: hoe makkelijk is het om jouw site op de lange duur te beheren, bij te werken of te veranderen van richting? We kijken hier naar zaken als lock-in, complexiteit van de editor, en risico’s op de lange termijn.
Lock-in en flexibiliteit
Een veelgehoord punt is dat page builders als Elementor een vorm van lock-in kennen. Content die je met Elementor opmaakt, is sterk afhankelijk van dat plugin-ecosysteem. Haalt je Elementor weg, dan blijft er in de pagina vaak code of shortcodes achter waar WordPress niks mee kan. Met andere woorden: de mooie layout verdwijnt en je zit met onbruikbare “gibberish” in jouw content. In de praktijk betekent dit dat als je ooit zou willen overstappen van Elementor naar bijvoorbeeld Gutenberg, je pagina voor pagina opnieuw zult moeten opbouwen. Gutenberg daarentegen is WordPress — de blokcontent zit in de normale databasevelden en blijft leesbaar, ook als WordPress in de toekomst weer iets verandert aan de editor. Er is geen extra plugin die uitgezet kan worden en daarmee jouw hele inhoud breekt. Die eigenschap maakt Gutenberg op lange termijn een veiligere keuze: de kans is klein dat je “vast” komt te zitten aan een bepaald systeem. Websites zwaar leunend op Elementor kunnen lastiger te migreren of redesignen zijn buiten Elementor om, wat neerkomt op een lange termijn afhankelijkheid van deze page builder. Dit is niet onoverkomelijk (er zijn agencies die gespecialiseerd zijn in Elementor-naar-blokken migraties, bijvoorbeeld), maar wel iets om mee te wegen als je voor de lange termijn plant.
Complexiteit in de editor
Onderhoudbaarheid betekent ook: hoe eenvoudig kunt ú of jouw team de content aanpassen of nieuwe pagina’s maken? Elementor blinkt uit in gebruiksvriendelijkheid voor designwerk: een marketeer of ondernemer kan met de drag-&-drop interface vaak vrij intuïtief dingen aanpassen of toevoegen. Die visuele vrijheid heeft echter een keerzijde: de editor zit bomvol opties. Voor uitgebreide wijzigingen moet je goed weten waar alles zit in het Elementor-paneel — er is een leercurve, zeker als je vooral bekend bent met de standaard WordPress-omgeving. Gutenberg biedt een meer sober, tekstgericht bewerkingsscherm. Veel MKB-gebruikers vinden dit prima voor het routinematig plaatsen van blogs of eenvoudige pagina’s, maar wanneer complexe lay-outs vereist zijn, kan Gutenberg (zonder extra plug-ins) beperkend aanvoelen. Vanuit een onderhoudsperspectief kunt je het zo zien: Elementor vraagt om wat meer beheer (updates van de plugin, zorgen dat alle Elementor-addons compatibel blijven, etc.) en discipline in consistent gebruik van stijlen; Gutenberg is simpeler bij te houden omdat het minder bewegende delen heeft en updates gewoon via de WordPress core verlopen. Bij elke WordPress-update wordt Gutenberg mee-verbeterd en getest, terwijl bij Elementor je moet wachten op een plugin-update van de ontwikkelaar als er iets verandert. Over het algemeen geldt dat Gutenberg’s strakkere inbedding in WordPress zorgt voor soepele updates en minder risico op conflicten met andere plugins of themes. Elementor voegt een extra laag software toe; dat team doet het goed met updates, maar het blijft een extra afhankelijkheid.
Lange termijn beheersbaarheid
Voor de lange termijn is het belangrijk te kijken naar de levensduur en evolutie van de gekozen builder. Gutenberg is de toekomststrategie van WordPress en krijgt blijvend ondersteuning vanuit de core-community. Nieuwe features (zoals Full Site Editing) worden direct in Gutenberg geïntegreerd. Daardoor is de kans groot dat een site die nu in Gutenberg gebouwd wordt, over enkele jaren nog steeds goed te onderhouden is, met nieuwe mogelijkheden die naadloos aansluiten. Elementor is een derde partij; hoewel het momenteel zeer populair en goed ondersteund is, bouwt het voort op WordPress maar staat er niet in vast cement. In de loop der jaren zijn page builders als WPBakery/Visual Composer, Divi etc. gekomen en (soms) weer gegaan of ingehaald door de core-editor. Elementor introduceert extra complexiteit en afhankelijkheden die op schaal of bij groei van de site voor uitdagingen kunnen zorgen. Denk aan compatibiliteit bij major updates, of de situatie dat je tientallen Elementor-templates/widgets heeft die onderhouden moeten worden. Gutenberg’s leanere footprint verlaagt onderhoudsoverhead: minder plugins om op te letten en meestal geen vertragende shortcodes of legacy code om rekening mee te houden. Kortom, heeft je een site die vooral lang mee moet kunnen met relatief weinig onderhoud, dan is Gutenberg een logische keuze. Heeft je echter functionaliteit uit Elementor nodig, plan dan voor iets meer regelmatige controle (en eventueel budget voor updates of herontwerp op termijn).
Conclusie
Wat is nu het eindoordeel? Beide page builders hebben hun unieke sterke punten, maar ze brengen verschillende trade-offs met zich mee. Gutenberg wint duidelijk op het vlak van raw performance en efficiency: laadtijden zijn korter, pagina’s slanker, en de code is van nature toegankelijk en schoon. Ook qua onderhoud en lock-in biedt Gutenberg gemoedsrust, omdat het onderdeel van WordPress is en weinig extra ballast kent. Elementor blinkt uit in designvrijheid en gemak bij het opmaken van complexe lay-outs — voor visueel aantrekkelijke, unieke websites zonder custom coding is het een fantastische tool. Je betaalt daarvoor echter een prijs in performance (tenzij je flink optimaliseert) en je bindt zich aan een ecosysteem waar je later niet zomaar uitstapt.
Welke moet ú kiezen? Dat hangt af van jouw prioriteiten. Als snelheid, score in PageSpeed en een toekomstbestendige codebasis het allerbelangrijkst zijn, dan is Gutenberg vaak de beste keuze. Wilt je daarentegen maximale flexibiliteit in ontwerp en bent je bereid te finetunen voor performance, dan kan Elementor prima voldoen — veel Elementor-sites scoren uiteindelijk ook boven de 90 in snelheidstests met de juiste instellingen. In alle gevallen geldt: zorg voor een solide hosting op de achtergrond. Een snelle server (liefst met caching en CDN) vangt veel performance-issues op en zorgt dat de back-end performance wél goed zit, ongeacht welke builder je gebruikt. Met de juiste hosting en optimalisatie kunt je met zowel Gutenberg als Elementor een snelle, professionele site neerzetten — het is maar net waar je de nadruk op wilt leggen.